23 september 2021 Gebruikers online: 14
Agenda
Active creations

Kop op hol (column Herman Slurink)

Geplaatst op: 10 oktober 2020

Het is herfst. Met mijn hoofd diep in de kraag verborgen sjouwde ik op deze kille en vochtige najaarsdag rond schemertijd voort langs het wiede. Geen mens te bekennen op dit uur in deze verlaten maar o zo heerlijke triestheid.

In de verte doemden boven het riet de contouren op van boerderijdaken. Een romantisch beeld van geborgen warmte. Alhoewel…ik zou wel eens voor een dag een paar eeuwen terug willen gaan in de tijd en als een onzichtbare geest rond willen struinen door de oude straten van onze dorpen en zweven boven de rietlanden, velden, meren en bossen in onze regio. Om voor even deelgenoot te worden van al die voorbije levens die nu rusten rondom de klokkentorens of onder oeroude beuken en eiken.

Helaas is er maar één mogelijkheid een dergelijk uitstapje te maken en die reisgenoot mag nog even achter de horizon blijven. Rest als enig toevluchtsoord de eigen verbeelding en voor ik het in de gaten had scharrelde deze al rond een veenhuisje zoals wij die hier nog kunnen aantreffen.

Om na achttien uur turfsteken met een stijf gekromd lichaam in je kleine veenhuisje thuis te komen en je rug eindelijk eens te strekken was geen pretje met die dikke balken onder het plafond, het leverde gegarandeerd een dikke buil op. Plof je daarna doodmoe in de veel te kleine bedstee waar de koude vrieslucht door de kieren dringt, dan blijft er van romantiek niet veel meer over.

Zo wegfantaserend duik je nog dieper in je kraag en onderga je een fractie van de ontberingen van je voorgeslacht terwijl de grond onder je voeten zuigt, slurpt en deint.

Wie weet wat er nog verborgen ligt in dit oude zompige land en wacht op licht, lucht en openbaring. Het ontdekken houdt nooit op in de Kop en maakt van iedere uitstap een nieuw avontuur. Zo hoop ik altijd nog eens over een menhir te struikelen.

Alles in de streek ademt de sfeer van wegdromerij, de weidse Wieden, de glooiende velden van de Leeuwte waar streekgenoten wonen op oude door ijs voortgestuwde grond.

Enorme zwerfkeien in allerlei maten werden duizenden jaren geleden vanuit het hoge Noorden meegevoerd. Een aantal liggen verzameld bij Heetveld. Samen met de oeroude tot  reuzen vervormde wilgenstronken op de aarden wallen voeden zij de fantasie en de verbeelding van de streekbewoners.

De verschillende dialecten en gebruiken op een paar vierkante kilometer scheppen net zo’n  rijk gevarieerde cultuur als er soorten vogels zijn. Gondelvaart en bloemencorso ademen een sfeer van sprookjesachtige creativiteit waarbij mythische verhalen op bijzonder kleurrijke wijze aan je oog voorbijtrekken….tenminste, als de angst voor onzichtbare vijanden niet voor eeuwig blijft hangen.

Ik zweef naar de overkant van het Zwartewater. Daar gaat het er anders aan toe. In een regionale gids kwam ik het bericht tegen dat het psalmzingen met bovenstem, een typisch Genemuidiger godsdienstige traditie, enige jaren geleden erkend is als immaterieel erfgoed. Zoals ze in de Alpen hun vrolijke jodel hebben die echoot in het ruim zo kennen wij hier in het lage land de trage zware samenzang die als een orkaan over de velden blaast en het riet doet buigen.

En nu we het er toch over hebben, de sterke protestantse traditie rond de Wieden heeft er voor gezorgd dat het ontbreekt aan mirakels en heiligen in deze streek. Dat mis ik eigenlijk wel een beetje, beneden de grote rivieren zijn ze daar scheutiger mee. Mijlstenen, kruizen en kapellen zouden niet misstaan in de Kop. En toch…of ben ik de enige die….. In dit miezerige schemeruur hoorde ik een vreemde fluistering in het riet. Een alpinopetje met daaronder een oud boertje bewoog zich langzaam voort tussen de pluizige rietpluimen. Hij sprak met een groep staartmezen, een merel, een aalscholver en een meerkoet als een eigentijdse Franciscus van Assisi. Ik volgde hem voorzichtig maar verloor hem in het hoge riet uit het oog totdat ik hem in de verte achter een oude schuur zag verdwijnen. Een zilverreiger liftte mee op zijn schouder.

Niemand geloofde mij …… “je kop slaat op hol” en “te lang bij de ‘Waterlelie’ gezeten?” was het enige commentaar. Tsja…Het is een eenzame weg die de sensitieve wandelaar in de Kop heeft te gaan.

Herman Slurink.

Gepubliceerd door Robert Jansema
Aquaservice