11 juli 2026
Gebruikers online: 0

De verborgen tuin van De Wieden (Column Herman Slurink)

Geplaatst op: 30 mei 2026 Gepubliceerd door: Enrico Kolk

Soms denk ik dat de mooiste werelden zich juist verborgen houden voor mensen die voortdurend haast hebben. Wie langs de sloten en trekgaten van De Wieden loopt, ziet meestal slechts water, riet en een beetje spiegeling van lucht. Maar wanneer je vertraagt — écht vertraagt — opent zich iets anders. Dan blijken die donkere sloten ineens geen sloten meer, maar poorten naar een haast buitenaardse werkelijkheid. Ik heb hier al eerder beelden van gedeeld.

Bijna dagelijks zwerf ik door het gebied. Niet doelgericht. Meer dwalend. Zoals je eigenlijk door De Wieden hoort te gaan. Zonder plan. Zonder haast. Gewoon kijken wat zich aandient tussen wuivend riet, krabbescheer, veenmos en het stille water. En daar, vlak onder het oppervlak, gebeurde iets wonderlijks.

Tussen het donkere water lagen planten in de meest onwerkelijke kleuren door elkaar gevlochten. Dieprood, koperachtig, bijna vlammend in het zonlicht dat aarzelend door het water brak. Alsof er onder de oppervlakte een verborgen exotische tuin lag. Wat ik zie is haast geen natuurbeeld meer, maar een schilderij. Of misschien beter gezegd: een droom waar je onverwacht in terechtkomt. Ik bleef lange tijd roerloos kijken. Want wat is werkelijkheid eigenlijk nog, wanneer water met licht begint te schilderen?

De Wieden hebben dat vermogen. Ze brengen je ongemerkt in een andere staat van kijken. Alsof het landschap je influistert: kijk nou eens beter… er bestaat méér dan alleen de wereld van agenda’s, schermen, meningen en haast. Misschien schuilt juist daarin de enorme kracht van dit gebied.

Niet in grootse attracties of spektakel, maar in verstilling. In verwondering. In het vermogen om je opnieuw onderdeel te laten voelen van iets groters en veel ouders dan wijzelf. Het water heeft hier eeuwenlang verhalen opgeslagen. Van turfstekers, vissers, jagers, schippers en zwervers. Soms lijkt het alsof die oude ziel nog altijd tussen het riet hangt.

En terwijl wereldwijd de onrust blijft toenemen, oorlogen oplaaien en mensen elkaar steeds harder lijken kwijt te raken, bestaan er gelukkig nog plekken waar de schepping eenvoudigweg doorgaat met ademen. En ik geloof en vertrouw dat zij de langste adem heeft. Hier wil ik zijn.

Onder water groeit schoonheid zonder ijdelheid, zonder algoritme. Zonder uitgesproken meningen. Gewoon omdat het leven wil bloeien. Prinses Irene sprak met bomen en werd voor gek verklaard. Ik snap wat ze bedoelt. Het stille aanwezig zijn schept als vanzelf al een vorm van communicatie.

Misschien is dat wel precies wat mij zo raakt wanneer ik daar rondzwerf met de camera in de hand. Je fotografeert uiteindelijk niet alleen planten of waterstructuren. Je probeert iets vast te leggen van dat ongrijpbare moment waarop verbeelding en werkelijkheid elkaar raken. Alsof je even een glimp opvangt van een verborgen wereld die er altijd al was en ons ook nooit zal verlaten. Als je het maar wilt zien….. direct onder onze voeten. Wij zijn koningskinderen.

Herman Slurink