Tweehonderd jaar Arembergersluis: het verhaal achter een steen
Geplaatst op: 25 september 2026
foto's: Herman Slurink en Jan van Kleef
Een klein stukje steen, een eeuwenoude vaarroute en een geschiedenis die nog altijd door het water wordt gedragen. Vrijdagmorgen werd bij de Arembergersluis stilgestaan bij het feit dat precies tweehonderd jaar geleden de eerste steen werd gelegd van de sluis zoals we die nu kennen. Nog onbewust van de drukte die haar straks overvalt, wacht zij, net als voorgaande eeuwen, op de eerste passanten die op deze stralende dag tussen haar sluisdeuren schutten.
Het is misschien wel een van de meest vanzelfsprekende plekken van Zwartsluis. Je fietst erlangs, loopt eroverheen of vaart er met een bootje door. De deuren gaan open en dicht en het water doet wat het al eeuwen doet: stromen. Toch kreeg de Arembergersluis vrijdagmorgen even alle aandacht. En dat gebeurde eigenlijk dankzij een opmerkzame brugwachter.
Wim Lammerts had de gedenkplaat die in de muur van de sluis is ingemetseld natuurlijk al ontelbare keren gezien. Maar ineens viel zijn oog op de datum: 25 september 1826. Tweehonderd jaar. Toen ging er een belletje rinkelen. Dit kon je toch niet zomaar voorbij laten gaan? Lammerts tipte Erik-Jan Berends van de Provincie Overijssel hierover. Berends nam vervolgens contact op met de Historische Vereniging Zwartsluis en zo ontstond het idee om op bescheiden wijze aandacht te besteden aan het bijzondere jubileum. Dat idee kreeg vrijdagmorgen gestalte. Zo’n vijftig belangstellenden kwamen bijeen in Sluuspoort. Bij binnenkomst wachtte een kop koffie, met als traktatie het welbekende Sluzenaartje van de plaatselijke bakker.
Namens de Provincie Overijssel hield Mark Zandvoort een korte openingstoespraak, waarin hij ook het belang van het behoud van de Arembergersluis benadrukte. Zeker in een tijd waarin overheden met beperkte middelen steeds opnieuw keuzes moeten maken, is het behoud van historisch erfgoed niet vanzelfsprekend. Daarna ging het gezelschap te voet naar de Arembergersluis, waar Wim Lammerts de bezoekers opwachtte.
Een steen uit 1826
Precies tweehonderd jaar geleden, op 25 september 1826, werd hier de eerste steen gelegd. Die steen ligt er nog steeds. Voor wie er dagelijks langs komt misschien niet meer dan een onderdeel van de omgeving, maar wie er zijn oog op laat vallen, kijkt ineens naar een stukje Zwartsluis dat een heel tijdperk overbrugt.
Voorzitter Victor van Kleef van de Historische Vereniging Zwartsluis nam zijn gehoor mee naar dat jaar 1826. Nederland maakte toen nog deel uit van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden onder koning Willem I. Het was een tijd waarin kanalen, handel en waterwegen van groot belang waren voor de ontwikkeling van het land. Maar voor Zwartsluis was er ook een veel directere aanleiding voor de werkzaamheden aan de sluis. Anderhalf jaar eerder, in februari 1825, was Noordwest-Overijssel getroffen door een enorme watersnoodramp. Dijken braken door en ook Zwartsluis werd zwaar getroffen. Het water was hier altijd al vriend en vijand tegelijk geweest. Het bracht handel en werk, maar kon ook een ander gezicht laten zien.
In 1826 werd de sluis in haar toenmalige vorm vernieuwd. Er werd ruim zesduizend gulden aan buitengewone werken uitgegeven en de bestaande vaste brug maakte plaats voor een ophaalbrug. Een lang gekoesterde wens van de gebruikers ging daarmee in vervulling. Maar wie vandaag spreekt over tweehonderd jaar Arembergersluis, heeft het eigenlijk over tweehonderd jaar van de huidige sluis. Want het verhaal van deze plek gaat veel verder terug.
Vier eeuwen geschiedenis
Halverwege de zestiende eeuw liet Joan van Ligne, graaf van Aremberg, de Arembergergracht graven. Rond 1560 ontstond daarmee een verbinding tussen het Zwarte Water en het gebied van de huidige Wieden en de meren bij Giethoorn. Dat was geen toevallig slootje. De Zuiderzee was in die tijd bepaald geen water waarop iedere schipper zich zonder zorgen begaf. Een veilige binnenvaartroute was van grote betekenis. Bovendien werd rond Vollenhove turf gewonnen. En turf betekende handel.
Aan het begin van de zeventiende eeuw verscheen op deze plaats de eerste sluis. Die werd door een zware storm verwoest, waarna in 1616 werd besloten op dezelfde plek een nieuwe sluis te bouwen. Rond 1620 was die gereed. De geschiedenis van de sluis gaat daarmee ruim vier eeuwen terug. En eigenlijk is dat tegelijk de geschiedenis van Zwartsluis zelf. De turf kwam over het water naar Zwartsluis, werd opgeslagen en overgeladen en vond via de grotere vaarwegen zijn weg verder het land in. Rond het water ontstond werk. Schippers, scheepsbouwers, zeilmakers, smeden, touwslagers en timmerlieden verdienden er hun brood. Hele families vonden hier hun bestaan. Het water bracht bedrijvigheid met zich mee. En de bedrijvigheid bracht een gemeenschap voort.
Drieduizend schepen per jaar
Dat de Arembergersluis ooit een belangrijke schakel in die bedrijvigheid was, blijkt ook uit een negentiende-eeuws verslag waarin wordt gesproken over gemiddeld zo’n drieduizend vaartuigen die jaarlijks door de sluis gingen. De sluis was bovendien lange tijd particulier bezit. Na de verkoop van de bezittingen van de familie Aremberg kwam zij in handen van verschillende participanten. Het eigendom was verdeeld in aandelen en de sluis leverde geld op. Het zijn details die laten zien dat zo’n sluis veel meer was dan een technische voorziening. Het was een bedrijf, een economische schakel en een ontmoetingsplaats.
En er zijn verhalen die gemakkelijk uit het collectieve geheugen verdwijnen. Zo wees Albert Greveling de Historische Vereniging op twee bijzonderheden die tegenwoordig nauwelijks nog bekend zijn. Na de stormramp van 1825 hadden Zwartsluis en de Arembergersluis nog ruim honderd jaar met eb en vloed te maken. De sluis had daardoor in feite de functie van een zeesluis. Ook het zogenoemde hevenslepen hoorde bij het leven op het water. Met punters werden lange stroken drijvend rietland vanaf de oevers bij de Arembergergracht, het zogenoemde Kraggeland, versleept langs de strekdam bij Kraggenburg. Het drijvende rietland diende daar als golfbreker. Het zijn verhalen die je niet ziet wanneer je vandaag simpelweg over de sluis fietst. Maar ze liggen er wel, onder en achter het vertrouwde beeld.
Een sluis die mocht blijven
Zoals aan veel dingen kwam ook aan de bloeitijd van de Arembergersluis een einde. Schepen werden groter, vaarwegen veranderden en nieuwe verbindingen en sluizen namen functies over. Rond 1930 werd zelfs serieus gesproken over demping van de Arembergergracht en sluiting van de sluis. Daar kwamen de gemeente en de bevolking tegen in verzet. Gelukkig bleef de sluis behouden. In 1931 werd zij vergroot. Het sluiswachtershuisje bleef onderdeel van het complex en werd later gerestaureerd. Ook de functie veranderde. De beroepsvaart maakte steeds meer plaats voor de recreatievaart. Maar wie denkt dat het tegenwoordig rustig is geworden op dit stukje water, hoeft alleen maar naar de cijfers te kijken. In 2025 passeerden meer dan 10.000 vaartuigen de sluis. De deuren gaan nog altijd open en dicht.
We zullen het hier maar niet hebben over de situatie bij de Grote Kolksluis in het centrum van Zwartsluis, waar momenteel zelfs tot in de Tweede Kamer aandacht voor is. De Arembergersluis laat in ieder geval zien dat een historische sluis ook in de eenentwintigste eeuw nog gewoon onderdeel kan zijn van het dagelijks leven.
Een sluiswachtershuis met een eigen verhaal
Dat geschiedenis niet alleen in oude stenen zit, bleek vrijdagmorgen op een andere manier. Onder de aanwezigen bevond zich ook Peter Kuiper. Hij bouwde in 1977 het huidige sluiswachtershuis, ter vervanging van een houten voorganger. Daarmee stond bij deze viering iemand tussen de belangstellenden die niet alleen de geschiedenis van de plek kende, maar er zelf letterlijk aan had meegebouwd. Dat is een mooi detail. De Arembergersluis is geen museumstuk dat ergens buiten de werkelijkheid staat. Door de eeuwen heen hebben steeds weer mensen eraan gewerkt, haar onderhouden, aangepast en gebruikt. Ook vandaag is dat nog zo.
Een vlag voor Zwartsluis
Na de historische terugblik volgde een eenvoudig maar betekenisvol moment. Mark Zandvoort en brugwachter Wim Lammerts hesen de vlag van Zwartsluis op de plaats waar normaal de vlag van de provincie wappert. De vlag krijgt binnenkort een vaste plek op het sluiswachtershuisje, als blijvende herinnering aan deze bijzondere dag.
Geen groot feest, geen uitgebreide ceremonie. Wel een moment waarop even werd stilgestaan bij een plek die voor veel inwoners zo vertrouwd is dat je gemakkelijk vergeet hoe bijzonder haar geschiedenis eigenlijk is. Het gebeuren onderstreepte tegelijkertijd het belang van een actieve Historische Vereniging. Want wie de geschiedenis van een dorp levend wil houden, moet niet alleen terugkijken, maar ook blijven zoeken naar wat nog niet bekend is. De Historische Vereniging werkt ondertussen verder aan de nautische geschiedenis van Zwartsluis om dat later in boekvorm te publiceren. Wie oude foto’s, documenten of herinneringen heeft, kan daar nog steeds een bijdrage aan leveren.
Het is zoals de Arembergersluis vandaag opnieuw liet zien, geschiedenis is nooit helemaal af. Er ligt altijd nog een steen ingemetseld die iets te vertellen heeft. Een oud verhaal dat iemand zich herinnert. Een foto op zolder. Een document in een la. Of een naam waarvan niemand meer precies weet waarom die ooit belangrijk was. Soms hoeft iemand alleen maar goed te kijken. Zoals brugwachter Wim Lammerts deed.
Herman Slurink, redactie Sluziger Kroniek, Historische Vereniging Zwartsluis


